Blog - De meerwaarde van Internet voor kwaliteitsjournalistiek

De meerwaarde van Internet voor kwaliteitsjournalistiek
Heb je bij het lezen van je krant ook het idee dat een artikel over een brandend actueel thema ontoereikend is om het geheel beter te begrijpen? Bij items over de economische crisis, de problemen in Gaza of de vrijlating van criminelen uit Belgische gevangenissen bleef ik op mijn honger zitten. Het gaat dan ook om complexe dossiers die om meer uitleg vragen. Maar daarvoor heeft de journalist meer ruimte nodig, ruimte die de mediabonzen hem de laatste jaren meter per meter hebben afgenomen.
“In the crush of news around the financial crisis – and its ensuing overdose of commentary and confusion – it occurred to me that the basic building block of the journalist, the article, is proving inadequate. We need its next generation.”, zegt Jeff Jarvis, professor journalistiek aan the City University of New York en de man achter buzzmachine.com.
Project, Product
Vòòr de commercialisering waren media informatiekanalen van politieke zuilen. Vakbonden en drukkingsgroepen maakten kranten om hun visie kracht bij te zetten. Media waren ideologisch gekleurd en die inkleuring was meestal de reden van hun bestaan. Winst maken was niet noodzakelijk, verliezen werden bijgepast. Media dienden immers de goede zaak.
Bij de invoer van het marktdenken op de media verdween stilaan de macht van de zuilen. Media voerden een onafhankelijkere koers. Managers beschouwden nieuws meer en meer als product en pasten media aan de logica van de vrije markt. Daarin primeert winst op de eerste plaats. Kijk- en luistercijfers, oplage- en leescijfers zijn de nieuwe mantra’s. Media maakten zich los van het juk van politieke en andere partijen, maar werden afhankelijk van adverteerders en de grillen van de markt.
Proces
Dankzij internet kan nieuws nu op diverse manieren worden gepresenteerd. Nieuws evolueert in de richting van een proces. Online kun je nieuws updaten, linken, documenteren door data te posten, becommentariëren, met beeld en klank verrijken, ... Je krijgt een overzicht van interessante sites die heel wat meer informatie bieden dan dat de journalist kan schrijven voor een breed publiek. De webpagina verzamelt dus meer dan alleen artikels die binnen een medium verschijnen, zoals bijvoorbeeld De Standaard Online nu al doet. Externe links genereren nuttige content voor de bezoeker. De journalist is de man of vrouw die het dossier beheert en superviseert. Hij of zij betrekt stakeholders in casu en biedt hen een platform.
Mensen met kennis ter zake voegen zich in het debat, bloggers schrijven commentaren, lichten toe en worden in het ‘dossier’ opgenomen. De items die de journalist zelf schrijft, zijn een soort van ‘wikimomenten’: over welke informatie kunnen we nu beschikken, wie zegt wat, wat weten we nog niet, ... De journalist presenteert het verhaal steeds als een momentopname en is transparant over zijn methode en stand van zaken. De toepassing van het journalistieke métier op het nieuwsproces biedt meerwaarde tegenover de huidige wikisites en online platformen.
Een nieuwssite evolueert naar een ‘dossiersite’ gebaseerd op nieuws. Jonge journalisten kunnen zich zo relatief snel in een dossier verdiepen. De meest waanzinnige thema’s kunnen aan bod komen. Die kunnen ook van het publiek komen (crowdsourcing). De marketeers zijn toch wild van het idee dat media brengen wat mensen willen?
Het procesmodel creëert nabijheid. Sommige bloggers en professionals kennen het dossier veel beter dan de journalist omdat zij er dagdagelijks mee bezig zijn. Ik wil dan ook ingaan tegen het idee dat al wie online commentaar schrijft of een blog opzet, cafépraat verkoopt. Het is aan de journalist om te zien wie de journalistieke methodes kent en hanteert.
Explaining the game
De journalist laat weten wat hij nog niet weet of nog moet onderzoeken. Als lezer kun je achteruit kijken. Wat ging vooraf en wat werd daarover gezegd? Explaining the game is enkel online mogelijk en is een meerwaarde die internet biedt.
De journalist kan ook meegeven dat voor bepaalde informatie meer onderzoek moet worden verricht. Als het publiek daar meer over wilt weten, kan daar over gestemd worden. Of kan het publiek mee betalen (crowd funding). Ook hier kan een beroep worden gedaan op externe financiers zoals het Fonds Pascal Decroos. Je zou ook adverteerders hiervoor kunnen laten betalen, maar dit gaat in tegen de redactionele onafhankelijkheid en beroepsjournalistieke gedragsregels.
Een nieuwssite als verzameling van ‘never ending stories’ kan adverteerders ruimte bieden bij dossiers waarmee hun product iets te maken heeft of bij thema’s waarop bedrijven zich willen profileren. Kleine groepen met specifieke behoeftes kunnen benaderd worden (niche strategie of ‘The Long Tail’). Binnen de marketing zijn al dergelijke concepten bedacht. Zo kennen we in Vlaanderen Actuapedia.be. Ook Google Ads werkt volgens dat principe.
Nieuws als proces in plaats van een product kan de verschraling van nieuws binnen een vrije markt tegengaan. Internet is hiervoor een uitgelezen middel. Hoe het er eindelijk moet en zal uitzien, weet ik niet. Maar een Deense dagblad Berlingske Tidene gaat in die richting. En dit dagblad in financiële moeilijkheden wil vooral dit tij keren met onderzoeksjournalistieke dossiers zoals dat over de politiehervormingen in Denemarken. Feit is ook dat het Fonds Pascal Decroos een organisatie is die al tien jaar de media analyseert en hierop antwoorden probeert te formuleren. We hopen dat iedereen mee zoekt naar mogelijke antwoorden. Mediakritiek.be is daar een perfecte plaats voor.
Auteur: Ides Debruyne
Links
The future for new media once digital disruptions and the global recession are over. (Listen)
Reacties: 2
Bedankt voor je reactie. Wat je eerste opmerking betreft, kan dit verholpen worden. Je tweede punt, specialisatie, is in het huidig redactioneel systeem nauwelijks of niet mogelijk. Een procesaanpak maakt dit wel mogelijk. En Vlaamse media hebben nog niet door dat het profiel van de journalist in de toekomst zwaarder komt te wegen dan het profiel van het medium, gezien ze crossmediaal gaan werken. Specialisatie helpt bij het branden. Het is een tip die ik studenten mee geef. Begin er alvast aan en focus. Je laatste opmerking klopt. Journalisten treden niet in discussie. Dit komt nog niet bij hen op. Terwijl ik weet dat ze heel erg geïnteresseerd zijn in die reacties. En wellicht speelt tijdsgebrek hen hier ook parten. Indien je het nieuws benadert als een proces, dan wordt dit automatisch verwacht van de journalist.
Ides
Ik zie enkele redenen waarom Vlaamse digitale kranten en nieuwssites tot op de dag van vandaag niet gepercipieerd worden als kwaliteitsmedia die alle mogelijkheden van het internet benutten:
1) De anonimiteit van de online journalisten. In tegenstelling tot gedrukte kranten en tijdschriften (en televisienieuws niet te vergeten) zijn er amper digitale journalisten die bij naam gekend zijn Vraag aan studenten om een journalist van De Standaard op te noemen,en de vingers gaan omhoog. Vraag hen of ze een online journalist kennen, en het blijft stil. In de beginjaren kon je het nog afschuiven op de shovelware of het overnemen van artikelen uit de gedrukte krant op de website, maar op dit moment tellen online redacties van pakweg HLN of DS heel wat online journalisten die eigen artikelen schrijven. Hun naam verschijnt echter slechts af en toe onderaan een artikel, als zou het door een computer of robot gemaakt zijn. Laat staan dat er een foto van de journalist bij het artikel staat,zoals dat vaak wel het geval is in kranten en tijdschriften, ja zelfs blogsites. Iedereen weet immers wie de blogger Luc van Braekel is en welke expertise hij heeft. Willen online journalisten uit de anonimiteit geraken en hun artikelen de meerwaarde geven die ze verdienen, dan moeten ze zichzelf bekend maken.
2) Online journalisten moeten zich specialiseren, net zoals hun collega's op de kranten, tijdschriften en televisie doen. Zijn er online journalisten die zich vooral bezighouden met wetenschap, cultuur of Amerikaanse politiek? Ik zou het niet weten. Als we op de website kijken naar de contactgegevens van de redactie van De Standaard, dan deze opgedeeld per thema. Zo zien we dat bijvoorbeeld Steven Stroeykens een expert in wetenschap is. Maar wanneer we op de link van de online redactie klikken, dan krijgen we een overzicht van de verschillende webredacteurs, maar zonder specialiteit. Waarin pakweg Ann Van den Broek gespecialiseerd is, kom ik niet te weten via de website. Het kan natuurlijk ook dat ze allemaal generalisten zijn en geen specifieke dossierkennis hebben, maar dan komen we natuurlijk in de problemen als we het procesmodel met een journalist als expert willen nastreven.
3) Het voorgestelde procesmodel impliceert dat de journalist als dossierbeheerder de inbreng van de burgerjournalisten opvolgt, modereert en gebruikt. Wie de reacties en inbreng van lezers van online kranten op artikelen en in discussiefora volgt, merkt dat journalisten amper in discussie treden met hun lezers of inspelen op reacties. Ze lijken een discussie te openen en daarna .. niks meer. Het kan bij reageerders de zin doen afnemen om deel te nemen aan het nieuwsproces, en zo gaat er heel wat interessante inbreng verloren. Hoe vaak wordt een nieuwsartikel aangepast op basis van een reactie onderaan het artikel? Ik pleit er dan ook voor dat online journalisten iets doen met de reacties van de lezers om zo tot een inhoudelijk sterkere discussie te komen van waaruit een beter artikel kan ontstaan.En als het al gebeurt vandaag, dan merken we daar alleszins heel weinig van omdat er geen melding van gemaakt wordt.
Conclusie: willen we het internet gebruiken om de potentiële meerwaarde te verzilveren en dossiers door experts te laten beheren, dan moeten online journalisten zich eerst en vooral profileren als experts en de inbreng van hun lezers gebruiken. Pas dan zullen ze door het publiek als experts erkend worden en kan er een meerwaarde gecreëerd worden.


rss

















