Blog - Zolang de voorraad strekt

Zolang de voorraad strekt
Voor de zomer kreeg ik een vraag voor een avond over de '(on)mogelijkheid van het gemediatiseerde gesprek'. Die 'on' - ook al stond ze tussen haakjes - is een hele zomer in mijn hoofd blijven plakken, zelfs tot aan de rand van het zwembad.
Een paar jaren geleden vroeg een sterk interviewer mij bij wijze van spitante openingsvraag (ah, de nachtmerrie van de eerste vraag!): wanneer is een gesprek op de radio geslaagd? Mijn mening daarover is even veranderlijk als het weer, maar toen was ik een maand lang overtuigd van het volgende. Een gesprek op de radio is goed als twee mensen ondanks alles tóch het gevoel hebben dat ze even met elkaar hebben gepraat.
Want er is veel aanwezig om dat tegen te werken. Natuurlijk is elk gesprek een constructie en een spel, maar een radiostudio is wel de meest artificiële setting ooit ter bevordering van een spontaan gesprek. Je hebt een tiental schermen tussen de gesprekspartners in, er hangen opzichtige microfoons en de muren zijn bezaaid met ongenadig tikkende klokken op weg naar het volgende nieuwsbulletin. Om het geheel af te maken gaat er een rood lampje branden als je praat. En dan is er nog die altijd aanwezige derde. Er is een luisteraar en die zit bij beide gesprekspartners in het achterhoofd. In die perfecte omstandigheden kijk je dus naar elkaar over de schermen en de hindernissen heen en probeer je met elkaar te praten. Je stelt je eerste vraag. Zo werkt dat. Soms. En zo werkt dat soms ook niet.
Deze week kreeg de 'onmogelijkheid van het gemediatiseerde gesprek' een concrete invulling. Eerst was er Tom Barman. Een week lang kapotgeïnterviewd. Je vraagt je af of er eigenlijk wel iemand geïnteresseerd was in hoe Keep you close klinkt. Er is duidelijk meer aandacht voor Barmans vermeende kinderwens en dito bindingsangst. Toen ik hem in een poging tot contact vroeg waarom hij toch zoveel van zichzelf prijsgeeft in kranten en tijdschriften ontstak hij in een furie.
Een chaotische razernij over de triomf van uit de context gerukte citaten, koppen boven artikels en oneerlijke verdichting van woorden. In een impuls zei hij dat hij geen interviews meer wilde geven. Nooit meer. Het gesprek kende een bizar einde: 'Dus dit is de laatste keer?' 'Ja.' 'Wil je nog iets zeggen?' 'Nee.' 'Tom Barman, tot nooit meer dan.' 'Ja.'
Bij de handdruk bij het naar buiten gaan zei hij laconiek: 'Tot de volgende.' Barman was om zeven uur 's ochtends op de VRT toegekomen en toen ik het gebouw rond vijf uur 's avonds verliet zag ik in een flits die zonnebril nog buiten ijsberen in afwachting van, alweer, een interview. Er is een grens aan de intrusieve introspectie die zo'n dag met zich meebrengt, kan ik me voorstellen. Wanneer is veel genoeg? Zowel voor de geïnterviewde als voor de luisteraar/lezer?
Dan is er Dimitri Verhulst die bij het verschijnen van zijn nieuwe boek De intrede van Christus in Brussel de handschoen opneemt en hardop zegt dat hij het beu is almaar dezelfde vragen te moeten beantwoorden. Hij geeft twee interviews. Eén in Vlaanderen en één in Nederland. Enkel schrijvende pers. De rest moet daar maar uit citeren. Los van de steek in het hart die je daar als radiomaker bij voelt, kan je hem geen ongelijk geven. De stilte is hem gegund. We tend to forget, maar de schrijver mag in de eerste plaats kiezen om te schrijven. Keep you close werd in één dag tijd een gouden plaat en van de nieuwe Verhulst worden de tweede, derde en vierde drukken sowieso ingecalculeerd. Ook dat telt mee.
Je hoeft geen cultuurpessimist te zijn om te zien dat er een overaanbod aan human interest-interviews met dezelfde mensen is. En toch. Wanneer het gebeurt dat je door die schermen heen iets te weten komt over iemand zijn werk. Wanneer iemand je boeit door hoe of wat die over zijn of haar werk zegt. Wanneer eerlijkheid en spel samengaan en er een echt gesprek is, is het van het mooiste wat er is.
Komt er een tijd dat we het moe zijn en het niet meer willen lezen, horen en zien? Sommige kunstenaars beginnen te zwijgen. Anderen beginnen geld te vragen als compensatie voor de verloren tijd. Is ook dat van alle tijden of is dat een teken aan de wand? Moeten we op zoek naar alternatieven? Ik stel de vragen gewoon. En zal dat vandaag en morgen opnieuw doen in de studio. Zolang de voorraad strekt.
Auteur: Ruth Joos
Deze column verscheen eerder in De Standaard.


rss

















