Blog - Chequeboek in Luik?

Chequeboek in Luik?
Betalen voor informatie kan niet. Dat is een strenge regel die deze krant hanteert. Tom Naegels ving op dat hij met voeten zou zijn getreden en probeert in te schatten hoe de vork in de steel zit.
Wat nu volgt kan cynisch klinken. Het gaat over een interview van afgelopen donderdag (DS 15 december). In 'Gabriël redde mijn leven' vertelden de ouders van Gabriël Leblond (17 maanden), het jongste slachtoffer van Nordine Amrani, hoe ze verteerd worden door verdriet. Het was een exclusief gesprek, van een journalist van zusterkrant Het Nieuwsblad.
Sindsdien gonst het van de geruchten dat die exclusiviteit gekocht zou zijn. Niet noodzakelijk door Het Nieuwsblad of De Standaard, maar door La Dernière Heure (LDH). De drie kranten hebben in deze zaak samengewerkt. Toen LDH de dag van het drama al een gesprek met de moeder had, verscheen dat in vertaling ook in Het Nieuwsblad. En toen Het Nieuwsblad het interview voor donderdag maakte, verschenen fragmenten daaruit, eveneens in vertaling, in LDH.
De Waalse krant organiseerde ook een steunactie voor het behoeftige gezin: van ieder verkocht exemplaar van de donderdagkrant zou er vijf cent gedoneerd worden, om de peuter een waardige begrafenis te kunnen bieden. En dat is nu de vraag. Werd er van de ouders, in ruil daarvoor, gevraagd om niet te praten met andere kranten? En is deze krant daar (eventueel onrechtstreeks) bij betrokken? Dat zou tegen de deontologische regel zijn dat er niet betaald wordt voor informatie, nog los van het feit dat het onethisch is om leed te verhandelen.
Het Laatste Nieuws en demorgen.be schreven het met zoveel woorden: 'Zo hebben de ouders onder andere een afspraak met een Franstalige krant, die een percentage van haar dagopbrengst vandaag aan de ouders schenkt. Als “tegenprestatie, mogen de ouders niet met andere kranten praten.' (15/12) Een journalist van La Meuse twitterde erover. De kwestie ging voldoende leven om LDH ertoe te brengen een formele ontkenning de wereld in te sturen. In een communiqué schrijft de krant de 'geruchten' toe aan het feit dat die journalist zelf een interview geweigerd is door de ouders. Jaloezie, dus.
Toch gaat het om meer dan één journalist. Een korte rondvraag bij alle redacties leert me dat door nog drie andere titels geprobeerd is om de ouders van Gabriël Leblond woensdag te interviewen. Telkens wordt me bevestigd dat die letterlijk gezegd hebben dat ze niet met hen mochten praten, omdat dat zo was afgesproken met 'een andere krant'. Mijn suggestie, dat de weigering kon toe te schrijven zijn aan tegenzin om na zo'n tragische gebeurtenis interviews te geven, werd van de hand gewezen.
Goed netwerk
'LDH had zeer snel een geprivilegieerd contact gelegd met de ouders', vertelt Yves Barbieux, de journalist die het interview voor Het Nieuwsblad maakte. 'Ik heb zelf goede persoonlijke banden met die redactie. Onze kranten werken niet systematisch samen, maar op momenten als deze helpt dat om deuren te openen die anders gesloten blijven. Ik heb dus journaliste Nawal Bensalem gevraagd of zij de ouders wilde aanspreken. Ze vertelde me toen dat LDH een steunactie voor de ouders op poten zette. Maar we zijn daar niet dieper op ingegaan. Met ons is het zeker niet besproken.'
'Bensalem was niet in Luik die dag. Onderling, en met de ouders van Gabriël, werd er afgesproken dat ik voor ons beiden het gesprek zou doen. Merk op dat ik in mijn tekst met geen woord heb gerept over de financiële problemen van het gezin. Toen ik hoorde van de vermoedens van een deal, viel ik eerlijk gezegd uit de lucht.'
Maar hoe komt het dan dat drie collega's van verschillende kranten onafhankelijk van elkaar van die ouders hetzelfde antwoord hebben gekregen?
Jean-Michel Crespin, chef van de Luikse redactie van LDH, stipt aan dat een deal als 'wij betalen de begrafenis in ruil voor een interview' 'iets voor in de film' is. 'Die woensdag - de dag na de dood van hun kind - werden die mensen overspoeld met telefoontjes van journalisten. Ze wisten niet hoe ze daarmee moesten omgaan. Ze hadden een goed contact gehad met onze journaliste, dus belden ze ons met de vraag of zij verplicht waren om interviews te geven. Wij hebben hen geantwoord: natuurlijk niet. Niet “dat mag niet, of we betalen jullie begrafenis niet,. Enkel: “jullie zijn niet verplicht,.' Zou dat door hen kunnen geïnterpreteerd zijn als een verzoek om dat niet te doen? (korzelig) 'Ik kan niet kijken in het hoofd van iemand die net een kind heeft verloren.'
Ik had nog graag bevestiging gevraagd aan de ouders, maar hun advocaat heeft niet teruggebeld. De uitleg van Crespin heeft het voordeel dat hij recht doet aan beide versies. Wellicht zijn er journalisten afgescheept met een verwijzing naar LDH. Mogelijk gebruikten de ouders dat om zich af te schermen. Het lijkt me zelf gek dat een krant op zo'n grootscheepse manier zou betalen voor een primeur die ze toch al had, en dat ze vervolgens twee andere kranten daarin laat delen die niet eens meedoen met de actie. Bovendien vertelt de commerciële zender RTL, die op donderdag de ouders interviewde, me dat die meteen akkoord gingen. Zo wordt het wel een erg wankele exclusiviteit.
Zoals ik zei: dit klinkt cynisch, maar het heeft belang. In een sector die zweert bij zelfregulering, is het essentieel dat iedereen zich aan de regels houdt - en er zeker van is dat de anderen dat ook doen. Zodra men zelfs maar dénkt 'de vorige keer hebben wij een verhaal gemist omdat zíj zich niet aan de afspraken hielden', is het om zeep.
Auteur: Tom Naegels
Deze column verscheen eerder in De Standaard.


rss

















